Rit Reglement

Door het ondertekenen van het inschrijfformulier (te downloaden via downloads) én het betalen van de jaarlijkse contributie verklaar je je akkoord met de reglementen.

Ritorganisatie / Ritreglement

Uitgangspunt voor het opstellen van dit reglement is het optimaliseren van de veiligheid en het rijgenot van de ritdeelnemers.

1.1. Organisatie

· Deze reglementen zijn van toepassing op alle toerritten welke door het Chapter worden georganiseerd.

Het bestuur van het Chapter is te allen tijde bevoegd een toerrit af te gelasten.

Gereden zal worden via het Follow-up systeem.

· Per rit wordt een kopman aangewezen, deze is herkenbaar aan een oranje vestje. De kopman zorgt voor de route en de organisatie binnen de groep tijdens de rit. Hij doet hiertoe, naar eigen inzicht, al datgene wat nodig is om een vlotte en veilige rit te waarborgen. Daarnaast wordt per rit een vaste “dropman”, herkenbaar aan een groen vestje achter de kopman geplaatst en aan het einde van de formatie een “slotman” deze is herkenbaar aan een geel vestje.

· Het bestuur, noch de organisatoren van de toerrit zijn uit hoofde van hun functie binnen het Chapter aansprakelijk voor persoonlijke of materiële schade ontstaan tijdens- of als gevolg van de toerrit, anders dan geregeld in de wegenverkeerswet;

· Alle toerritten vanuit de activiteiten -agenda vertrekken vanaf Dutch Hills Harley-Davidson® te Kerkrade om 11:00, tenzij anders vermeld. Verzamelen is vanaf 10:30.

2.1. Ten aanzien van de deelnemers

· Iedere actieve deelnemer aan een toerrit dient in het bezit te zijn van een geldig rijbewijs

· De motor dient verzekerd te zijn en de technische staat van de motor dient minimaal aan de wettelijke eisen te voldoen;

· Nieuwe Chapterleden of deelnemers met weinig rijervaring (met namen rijden in groepsverband) dienen zich vooraf te melden bij de kopman en dienen zo ver mogelijk achter in de groep te rijden, indien gereden wordt volgens het Follow-up systeem;

· Geen van de deelnemers aan de toerrit mag de kopman passeren of achter de slotman gaan rijden, uitzondering op deze regel zijn de roadcaptains, indien dit ten tijde van de toerrit wordt vereist;

· Geen van de deelnemers mag zonder medeweten van de kopman de groep verlaten;

· Het gedrag van de deelnemers in de groep moet zodanig zijn dat deze noch zichzelf, noch andere groepsleden of andere weggebruikers in gevaar brengen:

  • Binnen de groep wordt verspringend gereden (baksteenverband);
    Elke deelnemer behoudt zoveel mogelijk zijn positie binnen de groep
  • Bij het wisselen van positie dient dit zo veilig mogelijk te gebeuren
  • Voor of tijdens de toerrit mag door deelnemers geen alcohol worden gebruikt. Het gebruik van alcohol door de deelnemers na afloop van de toerrit is voor ieders eigen verantwoordelijkheid. Indien nog met de motor naar huis gereden moet worden, is dit echter sterk af te raden
  • Elke deelnemer houdt zich aan de wettelijke verkeersregels
  • Het gedrag van eenieder dient zodanig te zijn dat de voor- en achterman/vrouw blindelings kan vertrouwen op het gedrag van de ander

· Iedere deelnemer let op zijn of haar achterbuurman/vrouw. Indien om wat voor reden dan ook deze achterblijft, dient zijn voorganger ook te stoppen of te vertragen. Indien en voor zover de situatie het toelaat, dient de kopman op de hoogte gesteld te worden van het probleem zodat de gehele groep veilig gestopt kan worden om te wachten op de achterblijver(s);

· Bij het oversteken van een kruispunt is iedere deelnemer verantwoordelijk voor zijn eigen veiligheid. Indien en voor zover de situatie het toelaat zullen de roadcaptains de kruising beveiligen, waarbij de gehele groep in één keer de kruising zal oversteken. Dit slechts indien niet gereden wordt via het Follow-up systeem. Bij het oversteken van een beveiligde kruising is het dus niet de bedoeling dat mensen toch gaan stoppen want hierbij kunnen zeer gevaarlijke situaties ontstaan;

· Indien en voor zover de situatie zich niet leent voor het beveiligen van een kruispunt, wordt achter dit kruispunt gewacht tot de groep weer compleet is, of indien dit niet mogelijk is, wordt het tempo aangepast. In ieder geval moet ervoor worden gezorgd, dat de groep zo snel mogelijk weer bij elkaar is;

· Laat je niet verleiden tot acties waarvan je de consequenties niet kunt overzien;

· Indien een van de deelnemers moet stoppen door technische problemen of een andere oorzaak, stopt de gehele groep op een plek waar veilig gestopt kan worden. We gaan niet terug rijden omdat dit tot gevaarlijke situaties kan leiden.

3.1. Ten aanzien van de kopman

· De kopman zorgt voor de route en de organisatie binnen de groep. Zijn of haar gedrag is voor wat betreft de veiligheid van de groepsleden nog belangrijker dan dat van de individuele deelnemers;

· Vóór aanvang van de toerrit geeft hij/zij eventueel duidelijke instructies aan de deelnemers over hoe te handelen tijdens de rit. Dit dient zeker te geschieden wanneer nieuwelingen meegaan;

· Indien en voor zover daartoe aanleiding is tijdens de toerrit stopt de kopman op een veilige plaats en neemt de corrigerende maatregelen die nodig zijn;

· Bij pech dient de kopman zo snel mogelijk hiervan op de hoogte gesteld te worden, zodat hij/zij de groep op een veilige plaats kan laten stoppen, waarna er verder gereden kan worden zodra de groep weer compleet is;

· Na ca. elk uur wordt een pauze ingelast. Afhankelijk van het reisdoel kan deze pauze korter of langer zijn;

· Indien ander verkeer moet worden ingehaald bekijkt de kopman of inhalen op een verantwoorde manier kan plaatsvinden. Nadat de kopman heeft ingehaald gaat iedere deelnemer op zijn beurt inhalen, daarbij zijn eigen veiligheid en die van anderen vooropstellend. Dus elkaar niet onderling inhalen;

· De kopman zorgt ervoor dat het rijgedrag in de groep niet onrustig wordt door afwisselend te accelereren en/of te vertragen waar dit niet nodig is. Vooral het accelereren in bochten kan aanleiding geven tot grote gaten in de groep waardoor door de achterste deelnemers hard gereden moet worden om de gaten te dichten;

· Indien een deelnemer moet stoppen dient de kopman hiervan zo snel mogelijk op de hoogte gebracht te worden. Bij technische problemen wordt samen met een deskundige vastgesteld of:

  • Het verantwoordelijk is om door te rijden
  • De deelnemer beter de rit kan afbreken en naar huis kan rijden
  • Indien iemand moet omdraaien wordt ter plekke afgesproken:
    • Of de deelnemer alleen teruggaat;
    • Of door een andere deelnemer wordt begeleid;
    • Of de gehele groep omdraait;

Een en ander is uiteraard afhankelijk van de situatie.

4.1. Ten aanzien van de roadcaptains

indien vooraf of tijdens de toerrit besloten wordt, af te wijken van het Follow-up systeem, om welke reden dan ook:

· Elke roadcaptain dient de roadcaptainstraining welke jaarlijks door de H.O.G.® georganiseerd wordt minimaal één keer gevolgd te hebben, deze opleiding wordt door de H.O.G.® in samenwerking met de politie gegeven waarbij alle aspecten van het begeleiden van een groep motorrijders aan de orde komen, dit is een 1-daagse cursus waarbij zowel theorie als ook praktijk aan de orde komen;

· Tijdens de toerritten zijn de roadcaptains herkenbaar aan een oranje vestje;

· Indien de situatie het toelaat, zullen de roadcaptains de kruisingen en zijwegen beveiligen. Dit geldt ook voor kruisingen welke reeds beveiligd zijn door verkeerslichten. Indien de kruisingen beveiligd zijn door de roadcaptains, dient de gehele groep in één keer de kruising over te steken. Ga als individuele deelnemer niet stoppen als deze kruisingen beveiligd zijn door roadcaptains, hiermee breng je alleen de deelnemers achter je onnodig in gevaar;

· Kijk tijdens de toerrit veelvuldig in de spiegels en laat de roadcaptains veilig passeren door naar rechts uit te wijken indien de situatie dit toelaat en zonder de andere deelnemers in gevaar te brengen;

· De roadcaptains staan niet boven de wet, ook zij dienen zich aan de verkeerswetten te houden;

· De roadcaptains dienen op een vriendelijke doch dwingende manier het verkeer tegen te houden indien dat de veiligheid van de groep ten goede komt. Doe dit niet te agressief jegens de andere verkeersdeelnemers en probeer hun na het oponthoud te bedanken, hierdoor kweek je meer begrip voor de situatie en zullen de andere verkeersdeelnemers ook eerder geneigd zijn te stoppen. Er zullen altijd mensen zijn die koste wat kost hun voorrang opeisen.

· Nadat je als roadcaptain de weg hebt afgezet, dien je te wachten tot de laatste deelnemer, eventueel inclusief de servicebus, voorbij is waarna je rustig langs de groep rijdt en achter de kopman gaat rijden;

· Indien je als roadcaptain merkt dat de snelheid te hoog is en er gaten in de groep vallen, ga dan niet in de groep rijden en de snelheid zelfstandig aanpassen maar rijdt naar de kopman en geef deze een signaal om zachter te rijden zodat de groep niet uit elkaar valt;

· Als roadcaptain wordt van je verwacht dat je minimaal drie ritten per jaar als actief roadcaptain mee rijdt, dit om ervoor te zorgen dat er enige routine bij je aanwezig is zodat je geen gevaar voor de groep gaat opleveren.

· Als roadcaptain heb je GEEN officiële status van verkeersregelaar en dien je je aan de verkeerswetten te houden. In Nederland zal de politie oogluikend toestaan wat jullie doen als dit de veiligheid van de groep ten goede komt. In de ons omliggende landen is dat anders en houdt hier bij internationale ritten rekening mee!

.5.1. Sancties

· Bij herhaalde overtredingen van de reglementen door een van de deelnemers worden door het bestuur maatregelen genomen:

  • De eerste maal wordt de deelnemer gewaarschuwd;
  • De tweede maal volgt een ernstige waarschuwing;
  • Bij de derde maal wordt de deelnemer geroyeerd als lid van het Chapter en verder uitgesloten als deelnemer aan toerritten;

De waarschuwingen en het royement worden door twee leden van het bestuur met betrokkene besproken.